Zelfscan

Tool
Ik wil mijn plan toetsen

Helpt je om je project op kwaliteit te beoordelen

Wil jij zelf kijken hoe doordacht en effectief jouw wetenschapscommunicatieproject echt is? Doe dan de zelfscan. Je krijgt direct inzicht in doelen, doelgroep, strategie en maatschappelijke waarde, gebaseerd op de kwaliteitsindicatoren uit het beoordelingsinstrument voor wetenschapscommunicatie (zoals beschreven in het rapport van het Rathenau Instituut) . Zo zie je waar je project al sterk staat en waar nog winst te behalen valt, waardoor je bewuster kunt werken, betere keuzes maakt en meer impact bereikt.


Deze tool is gebaseerd op het rapport  Verkade, A. (2017 en 2020). Beoordelingsinstrument wetenschapscommunicatie - Publieke betrokkenheid bij wetenschap. Den Haag. Rathenau Instituut.

Doe de zelfscan

Loop de 14 vragen door en beoordeel je eigen project aan de hand van de beschrijvingen. Na het invullen verschijnt hieronder je feedback, en zie je waar verbetering nodig is. Weet je het niet zeker? Klik dan op 'Lees het artikel hierover'. Daar vind je meer informatie.

Zelfscan vragen

1

Zit het project goed in elkaar?
1.1 Doelen
1.2 Doelgroepen
1.3 Efficiëntie
1.4 Evaluatie en reflectie
1.5 Kennisdeling

2

Bereikt het project de doelstellingen?
2.1 Strategie
2.2 Relevante expertise en competenties
2.3 Betrekken doelgroep
2.4 Aansluiting bij behoefte/ vraag vanuit doelgroep
2.5 Positionering in bestaand aanbod

3

Draagt het project bij aan externe doelen?
3.1 Diversiteit in doelgroep
3.2 Mate van dialoog
3.3 Focus op proces, persoon en duiding
3.4 Diversiteit in rolmodellen
1

Zit het project goed in elkaar?

Doelen

Heb je je doelen begrijpelijk beschreven? Zijn je doelen SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden) geformuleerd?)
Goed
Doelen zijn SMART, geformuleerd als uitgangspunt. Typen doelen (kennis, houding en gedrag) zijn duidelijk omschreven. Doelen zijn gericht op impact, niet alleen op corporate communicatie, marketing en/of (studenten)werving.
Voldoende
Doelen zijn te vaag geformuleerd en daardoor niet toetsbaar. Geen helder onderscheid tussen typen doelen en/of tussen doelen en vorm.
Onvoldoende
Middel is uitgangspunt, doel is weinig doordacht en/of te algemeen. Doelen rondom kennis, houding en gedrag lopen door elkaar heen. Doelen richten niet op maatschappelijke impact.

Doelgroepen

Worden doelgroepen duidelijk omschreven en afgebakend?
Goed
Het project richt zich op een of meer duidelijk omschreven doelgroepen, die passen bij het doel.
Voldoende
Het project richt zich op doelgroepen die kloppen met de doelen. De doelgroepen zijn nog niet duidelijk omschreven.
Onvoldoende
De doelgroepen passen niet bij de doelen, of het project richt zich op een te grote doelgroep, zoals het 'algemeen publiek', zonder verdere precisering.

Efficiëntie

Past het budget en de begrote inzet bij de geplande werkzaamheden? Zijn de bedragen bij begrotingsposten realistisch?
Goed
Kosten verhouden zich tot werkzaamheden. Investering in geld en tijd past bij resultaat. Er is een evenwichtige begroting. Bij te betrekken uitvoerders zijn offertes aangevraagd.
Voldoende
De meeste bedragen en uren zijn redelijk tot goed ingeschat, maar bepaalde taken worden overschat / onderschat. Voor externe kosten is geen offerte/schatting aangevraagd.
Onvoldoende
Er is een onevenwichtige begroting, die op sommige aspecten van het project veel ruimer begroot is dan op anderen. Experts zijn niet ingeschakeld om goed te kunnen schatten.

Evaluatie en reflectie

Op welke manier wordt geëvalueerd en gereflecteerd, zowel tijdens als aan het eind van het project? Wordt gekeken naar mogelijke impact? Is er ruimte om de strategie aan te passen op basis van evaluatie?
Goed
Het project gebruikt passende indicatoren en gedegen methoden om impact te evalueren. Het project gaat op de juiste momenten evalueren en kan n.a.v. de uitkomsten bijsturen. Het project houdt bij of de doelen worden behaald.
Voldoende
Het project evalueert op de juiste manier, maar op de verkeerde momenten, bijvoorbeeld pas aan het eind. De opzet biedt weinig handvatten om project aan te passen aan tussentijdse evaluaties.
Onvoldoende
Het project evalueert niet, of alleen achteraf. Er is een manier van evalueren gekozen die gegarandeerd succes rapporteert. Er is een manier van evalueren gekozen die niet aansluit bij het doel en/of de doelgroep, of het doel wordt niet geëvalueerd.

Kennisdeling

Worden kennis en ervaringen die zijn opgedaan in het project gedeeld?
Goed
Het project borgt opgedane kennis en geleerde lessen. Het project gaat actief, op relevante manieren, deze kennis en lessen delen met het veld, bijvoorbeeld via NEWS. 
Voldoende
Het project wil wel kennis delen, maar kiest verkeerde kanalen. Het maakt resultaten openbaar, maar deelt weinig tot geen ervaringen.
Onvoldoende
Het project borgt en deelt opgedane kennis niet of nauwelijks.
2

Bereikt het project de doelstellingen?

Strategie

Zijn de doelen realistisch, met het oog op de vorm van het project, doelgroep, budget, looptijd? Volgt de vorm uit de doelen?
Goed
Het project kiest voor een vorm die goed past bij het doel en de doelgroep. Daardoor zijn de doelen realistisch.
Voldoende
De doelen zouden op zichzelf realistisch kunnen zijn, maar de vorm past er niet bij. De doelen lijken later geformuleerd om bij de vorm te passen en sluiten daar niet allemaal bij aan.
Onvoldoende
De vorm is het uitgangspunt, doelen zijn weinig doordacht, doelgroepen zijn niet duidelijk begrensd. Daardoor is het project onrealistisch: het wil veel te veel en de vorm sluit niet aan op het doel.

Relevante expertise en competenties

Past het team bij doelgroep en vorm? Zijn de benodigde competenties en expertise aanwezig? Worden zo nodig externe experts betrokken?
Goed
Het project onderbouwt welke competenties bij het team aanwezig zijn. Het project geeft aan wat er mist en werft daarvoor externe competenties. Externe partners zijn logisch en complementair.
Voldoende
Het project identificeert globaal de juiste competenties, maar vult die niet naar behoren in. Een deel van het denkwerk moet nog plaatsvinden, nog niet alle lacunes zijn ingevuld.
Onvoldoende
Er is geen goed beeld van benodigde competenties. Het project onderschat lacunes en overschat eigen expertise. Externe partners kloppen niet bij de gezochte competenties.

Betrekken doelgroep

Betrekt het project de doelgroep? In welk stadium?
Goed
Het project betrekt de doelgroep vanaf het begin bij het project. Input van de doelgroep kan het verloop van het project beïnvloeden.
Voldoende
Er is geen mogelijkheid om bij te sturen op basis van input van de doelgroep. Betrekt de doelgroep wel tijdens het proces, maar alleen als ontvangende partij. Of gaat wel in discussie, maar pas na afloop.
Onvoldoende
Het project betrekt de doelgroep alleen als ontvanger, en pas laat in het proces, bijvoorbeeld aan het eind van het project.

Aansluiting bij behoefte/ vraag vanuit doelgroep

Zijn de doelen van het project alleen vanuit het gezichtspunt van de wetenschap geformuleerd? Of is er ook voor de doelgroep winst te behalen? Is er een duidelijke behoefte bij de doelgroep geïdentificeerd?
Goed
Het project betrekt de doelgroep bij het opstellen van dit plan, waardoor het overtuigend aansluit bij een behoefte, wens of belang van de doelgroep(en).
Voldoende
Er is nagedacht over mogelijke behoeften bij de doelgroep waarin dit project kan voorzien, maar het blijft bij speculeren. Er is niet onderzocht of aannames kloppen.
Onvoldoende
Het project sluit aan bij een behoefte van de organisator, maar anderen worden er niet beter van. Het is niet duidelijk wat de doelgroep aan het project heeft.

Positionering in bestaand aanbod

Is het aannemelijk dat het project in aan lacune voorziet? Verhoudt de keuze voor vorm en doelgroep zich duidelijk tot het bestaande aanbod, wordt samengewerkt met relevante andere projecten?
Goed
Het project voorziet in een lacune, door iets aan te bieden wat nog niet (genoeg) wordt aangeboden. Het onderbouwt duidelijk wat het project toevoegt aan het bestaande aanbod.
Voldoende
Het project doet veel niet onderbouwde aannames over het bestaande aanbod. Het biedt iets aan wat in een lacune voorziet, maar refereert niet aan mogelijk concurrerend aanbod. Het project biedt iets wat weliswaar al bestaat, maar biedt verbetering.
Onvoldoende
Het project voegt weinig tot niets nieuws toe aan het bestaande aanbod en getuigt dus niet van inzicht in het bestaande aanbod. Het project bedient een doelgroep waarvoor al veel aanbod is.
3

Draagt het project bij aan externe doelen?

Diversiteit in doelgroep

Richt het project zich op een doelgroep die ondervertegenwoordigd is in het bestaande landschap van wetenschapscommunicatie, zoals mensen met een opleiding lager dan havo/hbo, mensen uit lagere sociaaleconomische situaties, mensen met een migrantie-achtergrond of, mensen buiten universiteitssteden?
Goed
Het project richt zich op een doelgroep of doelgroepen die ondervertegenwoordigd zijn en draagt daarmee bij aan een breder bereik van wetenschapscommunicatie als geheel.
Voldoende
De doelgroep van het project omvat in theorie ook ondervertegenwoordigde groepen. Maar de doelgroep is onvoldoende gefocust, waardoor het uiteindelijk vooral oververtegenwoordigde groepen zal bereiken.
Onvoldoende
Het project richt zich op een oververtegenwoordigde doelgroep, zoals hoogopgeleiden in universiteitssteden.

Mate van dialoog

Hoe is de verhouding tussen onderzoeker en doelgroep in het project? Wordt er alleen gezonden, of ook geluisterd? Stellen onderzoekers zich op als bron van kennis, of ook als vragende partij? En wordt ervaringskennis ook gewaardeerd?
Goed
Onderzoekers hebben in (delen van) het project een gelijkwaardig rol aan doelgroep. Er is aandacht voor vormen waarin de stem van de doelgroep gehoord kan worden. Er blijkt belangstelling voor in de input, ervaring en waarden van de doelgroep.
Voldoende
Er is interesse in input van de doelgroep, maar het project biedt te weinig gelegenheid om in gesprek te gaan en deze input en ervaring te verzamelen. Wellicht kan tijdig evalueren nog helpen bijsturen. 
Onvoldoende
Onderzoekers zijn de informatiebron, de doelgroep is de ontvanger. De vorm lijkt oppervlakkig op een dialoog, maar is uiteindelijk gericht op kennis- en waardenoverdracht in één richting.

Focus op proces, persoon en duiding

Besteedt het project aandacht aan wetenschap als een manier van zowel kennisproductie als aan aspecten van het wetenschappelijk proces? Wordt het gezien als mensenwerk? Of gaat het alleen om de uitkomsten?
Goed
Er is niet alleen aandacht voor de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek, maar ook voor het onderzoek zelf, het proces en de context. Onzekerheid, experimenten en andere aspecten van de wetenschap komen aan bod. De doelgroep leert de mensen achter het onderzoek kennen.
Voldoende
Er is aandacht voor wetenschappers, maar alleen als ontdekkers van nieuwe kennis, die uitleggen wat het resultaat betekent. Zij geven wel inzicht in hun rol, maar het proces van wetenschap komt niet aan bod. Feiten worden gepresenteerd zonder context of duiding.
Onvoldoende
Er ligt alleen focus op de producten van wetenschap en een nadruk op kennis, ontdekkingen en innovatie. Het proces dat aan ontdekkingen vooraf gaat, blijft impliciet, evenals de mensen die het werk doen en de mogelijke betekenis van ontdekkingen voor de doelgroep.

Diversiteit in rolmodellen

Draagt het project bij aan zichtbaarheid van diverse rolmodellen?
Goed
Verschillende mensen komen aan bod in verschillende rollen tijdens het project. Leden van de doelgroep kunnen zichzelf en anderen herkennen in verschillende rollen, en zien dat er diversiteit is in de wetenschap.
Voldoende
Diverse mensen komen aan bod. in het project, maar diversiteit beperkt zich tot etnische achtergrond of gender. Er is wel diversiteit, maar minimaal, en vrouwen en jongere mensen hebben ondergeschikte rollen.
Onvoldoende
Alle zichtbare wetenschappers vallen binnen dezelfde stereotype groep en diversiteit is er nauwelijks.