
Je maakt samen met de deelnemers, meestal kinderen, een verhaal. De organisatoren starten met het geven van een situatie, een personage of een gebeurtenis. Tijdens of na de activiteit kunnen de deelnemers hier op voortbouwen door telkens een nieuwe actie of gebeurtenis toe te voegen die iets met het onderwerp of de situatie te maken hebben. Laat het verhaal draaien rond het onderwerp van je activiteit en kom te weten wat de ideeën, verwachtingen of leermomenten zijn van het doelpubliek. De voortgang van het verhaal wordt bijgehouden op een op een bord of op een scherm zodat iedereen het verhaal kan blijven volgen. Gebeurtenissen, acties of details worden toegevoegd in chronologische volgorde, zodat duidelijk zichtbaar is voor de kinderen hoe het verhaal tot nu toe verlopen is.