‘Hoe ziet een wetenschapper eruit?’ Zo begint het eerste lespakket van Lil’Scientist, een project van KiDLAB, uitgevoerd met de IMC Weekendschool en De Jonge Akademie. Het doel is om kinderen spelenderwijs echte wetenschap te laten doen. De bundel van zes lessen is recent volledig gepubliceerd.

Projectleider en universitair hoofddocent pedagogiek Eddie Brummelman van de Universiteit van Amsterdam startte samen met collega’s het project met het idee dat wetenschapscommunicatie met kinderen radicaal anders moest. ‘Een van de dingen die ons opviel is dat wetenschapscommunicatie meestal kinderen bereikt die al vaak in aanraking komen met wetenschap. Bovendien is wetenschapscommunicatie vaak een eenrichtingsverkeer, waarbij een wetenschapper uitlegt hoe de wetenschap werkt. We wilden dit omdraaien: kinderen bereiken die zelden in aanraking komen met wetenschap en hen als kleine wetenschappers zelf laten oefenen en exploreren. Kinderen zijn immers kleine wetenschappers.’
In het lespakket tekenen kinderen een wetenschapper en eindigen ze vaak bij hetzelfde beeld: een witte man met wild haar en een labjas aan, omgeven door reageerbuizen en machines en wijzerplaten. In de les die daarop volgt analyseren ze hun tekeningen en gaan ze met elkaar erover in gesprek. Hoe kan het nou dat bijna iedereen een man tekent? Waarom tekent bijna iedereen hem alleen? De boodschap van de les: wetenschappers komen in alle soorten en maten, wetenschap kun je leren en doe je in een team.
Kleine wetenschappers
‘We hebben Lil’Scientist opgezet om de kleine wetenschappers in kinderen aan te spreken, zodat ze beseffen dat ze zelf al een hele intuïtieve vaardigheid hebben om te experimenteren,’ vertelt Eddie. ‘De manier waarop onderzoekers wetenschap doen lijkt heel erg op hoe kinderen taal leren of leren lopen. Het enige verschil is dat onze regels vastgelegd zijn en dat we over de uitkomsten publiceren.’
Met Lil’Scienitst leren kidneren over de wetenschappelijke methode. De rode draad door alle lespakketten heen is de werkwijze die bij elk proefje wordt gevolgd, een soort ‘empirische cyclus’, zoals Eddie het noemt. ‘Die rode draad vinden we belangrijk omdat kinderen met die cyclus in hun achterhoofd bewust worden van bepaalde valkuilen. Bijvoorbeeld als iemand zegt dat je niet ziek wordt van roken, omdat die persoon een aantal mensen kent die roken en niet ziek zijn. Het idee is dat kinderen dan beseffen dat ze een goede steekproef moeten doen en moeten proberen hun hypothese te falsifiëren.’
Ervaringsgerichte lessen
Heel veel meer hebben de lespakketten niet met elkaar gemeen. In elk pakket maken de kinderen kennis met een ander vakgebied uit de wetenschap. Zo zijn er onder andere lessen over oceanografie, filosofie en taalwetenschappen. Wel zijn ze er allemaal op gericht om kinderen actief mee te laten doen. ‘Want kinderen vinden het niet leuk om stil te zitten en passief te luisteren, ze willen aan de slag.’

Dat beaamt ook Yvonne Knobel. Zij is conceptontwikkelaar bij Stichting IMC Weekendschool, waar kinderen tussen de 10 en 14 jaar elke zondag les krijgen van uiteenlopende vakexperts en zo kennismaken met verschillende vakgebieden. Daar werden de lespakketten getest en op basis van de feedback van de kinderen en hun coördinatoren verbeterd. Zo gebeurde dat bijvoorbeeld bij de les “Nieuwe technologie” over algoritmes. ‘Dat is vrij theoretisch. Daarom zochten we samen met de gastdocent en de bedenker van de lessen naar een manier om dit onderwerp meer ervaringsgericht te maken. Daarom zit er nu een opdracht waarin iemand als een robot een glas limonade maakt volgens de letterlijke instructies van kinderen, dat kan helemaal fout gaan. Daarmee leren de kinderen hoe een algoritme werkt en dat je bijvoorbeeld altijd een stop-commando moet toevoegen.
‘Wat zo goed is aan dit project is dat alles wordt getest en uitgeprobeerd’, zegt Yvonne. ‘Eddie en zijn collega’s hebben contact met ons gezocht om met kinderen hun ideeën te testen en daarvan te leren. Dus de lessen die ze zelf met Lil’Scientist willen geven, dat je alles toetst en verbetert en weer opnieuw probeert, net als een wetenschapper, hebben ze in het klein ook met het project gedaan. Dat is natuurlijk heel mooi om mee te kunnen geven aan kinderen.’
Naar de scholen
Het idee van Lil’Scientist is dus om kinderen te bereiken die je normaal niet zo snel bereikt, maar hoe doe je dat? Eddie: ‘Het is voor ons een experiment om te kijken hoe we deze lespakketten het best bij de leerkrachten kunnen krijgen. Leraren hebben heel weinig ruimte om iets buiten het vaste curriculum te doen. Daarom hopen we dat als we het zo laagdrempelig mogelijk maken, we alles meeleveren, er geen voorbereidingstijd nodig is en alles gratis is, leraren het gaan toepassen. We zullen daarvoor ook een fysieke kopie aan een aantal scholen toesturen.’
De hoop is daarom nu ook gevestigd op uitgevers van schoolboeken. ‘We hopen dat ze zien wat wij doen en daar inspiratie uit halen voor het ontwikkelen van hun eigen lesmaterialen.’ Nu alle lespakketten van Lil’Scientist volledig zijn gepubliceerd, is het contacteren van uitgevers de volgende stap, zoals de scholenuitgever die begint met het ontwikkelen van eigen methodes.
Een andere openstaande wens is de lesplannen combineren met citizen science, waarbij de kinderen samen met de onderzoekers onderzoek doen en data verzamelen voor een wetenschappelijke publicatie. ‘Dat is niet makkelijk, omdat daar veel data voor nodig hebt en je die anoniem moet verzamelen. We zouden het wel heel graag in de toekomst willen doen, zodat de bevindingen van kinderen onderdeel worden van onze wetenschappelijke kennis.’

KiDLAB
Nu de lespakketten de wijde wereld in zijn gestuurd, gaat Lil’Scientist verder. Eddie zal met KiDLAB nieuwe lespakketten blijven ontwikkelen en het idee achter Lil’Scientist blijven promoten. Hij hoopt dat mensen dit idee op hun eigen manier gebruiken: ‘Het is ook een beetje hoe we als wetenschappers ons werk doen. We doen onderzoek en stoppen daar heel veel tijd in. We publiceren het met open access en dan kunnen mensen ermee doen wat ze willen. Dat vind ik een mooie ontwikkeling. Hetzelfde geldt voor onze lespakketten.’
Tips van Eddie voor wetenschapscommunicatie met kinderen:
- Onderschat kinderen nooit: ze worden geboren als kleine wetenschappers en weten intuïtief al veel over hoe wetenschap werkt.
- Kijk naar wat voor kennis er al is, er is al heel veel expertise over wetenschapscommunicatie. Voor zo’n project hoef je niet het wiel opnieuw uit te vinden.
- Stel niet te grote doelen, als je met een activiteit het leven van een kind al positief kan beïnvloeden, dan is het geslaagd.
Het project is gefinancierd de Nationale Wetenschapsagenda (NWA). Alle samenwerkingspartners kun je vinden op http://lilscientist.nl/partners.
Door Anna van Asselt voor NEWS