kennisbank
Feed of voedingsbodem, wat voedt wantrouwen in de wetenschap?
Uit het onderzoek

Feed of voedingsbodem, wat voedt wantrouwen in de wetenschap?

Zonnebrandcrème geeft je kanker, Nederlands kraanwater is supergiftig en 5G-straling verzwakt het immuunsysteem. Zomaar een greep uit de misinformatie die je op sociale media kunt vinden. Vertrouwen in de wetenschap zou zwaar onder vuur liggen, en online misinformatie lijkt dat alleen maar erger te maken. Maar dat ligt echt anders, zeggen Anne-Floor Scholvinck en Jelle Slief, onderzoekers van het Rathenau Instituut.

Vorige week hebben zij namelijk hun onderzoeksresultaten gepubliceerd over de samenhang tussen misinformatie op sociale media en vertrouwen in wetenschap. ‘Veel mensen denken dat die misinformatie ervoor zorgt dat het vertrouwen in wetenschap laag is,’ legt Anne-Floor uit. ‘Bijvoorbeeld: er is misinformatie op sociale media, en mensen geloven dat, waardoor mensen minder zonnebrandcrème gaan smeren. Dat wordt dan gezien als voorbeeld voor een dalend vertrouwen in de wetenschap.’

Anne-Floor Scholvinck en Jelle Slief,

Maar in een haast perfect ironische twist: dat verhaal is zelf ook misinformatie. Of het werkelijk klopte was in Nederland namelijk niet goed onderzocht.

En dus legden de onderzoekers een vragenlijst voor aan 8500 mensen, en spraken ze met zeven focusgroepen. Het doel: uitzoeken hoe socialemediagebruik en vertrouwen in wetenschap samenhangen, en uitzoeken waarom mensen wetenschappelijke misinformatie betrouwbaar vinden of niet.

Voedingsbodem

Het belangrijkste resultaat van het onderzoek, zeggen Anne-Floor en Jelle, is dat geloof in wetenschappelijke misinformatie nooit op zichzelf staat.

‘We zien dat geloof in misinformatie samenhangt met vertrouwen in wetenschap. Vaak denken mensen dat die misinformatie het vertrouwen in wetenschap verlaagt. Maar dat verband is waarschijnlijk andersom: juist mensen die een laag vertrouwen hebben in de wetenschap zijn extra vatbaar voor misinformatie.’ – Jelle Slief

Met andere woorden: geloof in misinformatie is eerder een symptoom dan een oorzaak van een gebrek aan vertrouwen in de wetenschap.

Mensen kunnen om allerlei redenen wetenschap wel of niet vertrouwen. Andere nieuwsbronnen die mensen lezen, slechte ervaringen met het zorgsysteem en berichten over gemanipuleerde onderzoeken: het zit allemaal in de voedingsbodem waarmee mensen wetenschappelijke (mis)informatie beoordelen.

Een ander, misschien bijzonderder inzicht uit het onderzoek is het verband tussen socialemediagebruik en het geloof in misinformatie. En specifiek: voor wie dat verband juist níet geldt. ‘Ik was laatst bij een grote bijeenkomst over mediawijsheid,’ vertelt Jelle. ‘Dan valt telkens het woord jongeren, jongeren, jongeren. Maar het bijzondere is dat we juist voor jongeren geen verband zien tussen het gebruik van sociale media en het geloof in misinformatie. Bij mensen ouder dan 35 jaar zien we dat verband juist wel!’

Vertrouwen in wetenschap

Niet dat het zo slecht gaat met het vertrouwen in de wetenschap, trouwens. Uit eerder onderzoek (ook van het Rathenau) bleek al dat het vertrouwen in wetenschap juist lichtjes stijgt. Toen gaven mensen hun algemene vertrouwen in de wetenschap een 7,53, een dikke voldoende. Slechts 15% gaf het een onvoldoende.

En toch, het idee dat wetenschap steeds minder wordt vertrouwd blijkt heel sterk. Ook bij de focusgroepen van het huidige onderzoek. Die bestonden uit mensen die veel sociale media gebruikten of een laag vertrouwen hadden in de wetenschap. ‘Gewoon mensen met alledaagse en reële zorgen,’ zegt Anne-Floor. ‘Ik heb meerdere keren mensen gehad die bij het weglopen zeiden: “wat goed dat jullie dit onderzoek doen! Want dat vertrouwen staat echt onder druk en ik maak me daar echt zorgen over”. Maar die mensen hebben net met zeven onbekenden een heel goed en genuanceerd gesprek gevoerd over wetenschap. Dat vond ik toch wel altijd een grappig contrast. Dat heersende beeld is gewoon heel dominant.’

Dat neemt niet weg dat Jelle en Anne-Floor het allebei erg belangrijk vinden dat wetenschap wordt vertrouwd. Maar ze haasten zich ook te zeggen dat we niet moeten streven naar een perfecte 10. Er zijn ook genoeg historische voorbeelden waaruit blijkt dat het helemaal niet zo goed is blind te vertrouwen op de wetenschap. Denk aan fraude en onethisch onderzoek. En ook de vermenging van wetenschap met het bedrijfsleven is een reden waarom mensen wetenschap kunnen wantrouwen.

‘In het vorige onderzoek zagen we dat ook: als je mensen met laag vertrouwen vraagt naar associaties bij het woord wetenschap, dan zijn hun unieke associaties vooral geld, bedrijven en beïnvloeding. De betaler bepaalt.’ – Jelle Slief

Factchecks

Een standaard reactie op online misinformatie is de factcheck. Maar zo’n factcheck werd in focusgroepen niet als meer of minder betrouwbaar gezien dan de andere posts die de deelnemers te zien kregen. Sterker nog, Anne-Floor geeft zelfs een waarschuwing voor het maken van dit soort content.

‘Uit interventiestudies blijkt ook dat als je mensen helpt misinformatie te herkennen, dat ze daar beter in worden. Maar het zorgt ook voor een groter algemeen wantrouwen. En dat hebben we in onze focusgroepen ook wel mensen horen zeggen. “Ik ben liever ongeïnformeerd dan gedesinformeerd”. Dat is wel echt een gevaar van te veel alarmisme.’ – Anne-Floor Scholvinck

Maar een factcheck die het proces van wetenschap laat zien, zoiets zou wel kunnen helpen, zegt Jelle. ‘We zeggen dus niet: doe geen factchecks, maar wees je bewust van de keerzijde. En misschien moeten we ook eens gaan nadenken over wat er voor de rest allemaal nog mogelijk is.’

Adviezen

Hoe zien die andere vormen van wetenschapscommunicatie er dan uit? Alhoewel het Rathenau-onderzoek geen interventiestudie is, kunnen Anne-Floor en Jelle wel een aantal adviezen geven:

  1. ‘In het verbeteren van vertrouwen in de wetenschap richten we ons nu heel erg op sociale media,’ zegt Anne-Floor. ‘Maar misschien zit de oorzaak van dat probleem wel ergens anders. Misschien zit dat lek in die voedingsbodem en moeten we ons daar meer op richten. Kijk dus breder naar diversere interventies.’
  2. ‘En kijk ook naar je doelgroep. Richt je niet alleen op jongeren. Want we zien juist dat ouderen die veel op sociale media zitten veel vatbaarder zijn voor misinformatie.’
  3. Jelle voegt nog toe: ‘Richt je niet alleen op de schadelijke effecten van sociale media en het alarmisme. Je kunt ook variatie in mediadieet stimuleren. Waar vind je betrouwbare informatie, en hoe. Ook dat zagen we in ons onderzoek: hoe diverser het mediadieet, hoe groter het vertrouwen in de wetenschap.’


Het hele rapport, Wikken en Weten, en de volledige lijst van adviezen is hier te lezen. Het eerdere rapport, Vertrouwen in de wetenschap 2025, kun je hier vinden.

Heb jij een leuke casus uit de praktijk, een opiniestuk, of wil je een vraag over wetenschapscommunicatie beantwoorden? Stuur het in voor de NEWS Kennisbank!

Wat doet NEWS?

NEWS ondersteunt je met jouw wetenschapscommunicatie

Het Nationaal Expertisecentrum Wetenschap en Samenleving (NEWS) verbindt wetenschap en samenleving door een nieuwe, open en betrokken wetenschap. We adviseren, delen kennis, en bouwen duurzame verbindingen tussen onderzoekers, communicatiemedewerkers, beleidsmakers en journalisten binnen de wetenschapscommunicatie.